ECLI:NL:RBZWB:2015:548
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen ongeldige uitvaardiging dwangbevel wegens niet ontvangen tweede aanmaning
Betrokkene heeft verzet aangetekend tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel uitgevaardigd door de officier van justitie. Tijdens de zitting heeft betrokkene met klem betwist de tweede aanmaning te hebben ontvangen, hetgeen door de kantonrechter niet ongeloofwaardig werd geacht. Hierdoor werd vastgesteld dat het dwangbevel niet rechtsgeldig was uitgevaardigd.
De kantonrechter heeft het verzet gegrond verklaard voor zover de kosten van het dwangbevel het bedrag van de sanctie inclusief verhogingen en administratiekosten van €76,- overschrijden. Tevens is bepaald dat het griffierecht van €77,- aan betrokkene wordt terugbetaald en dat het teveel betaalde bedrag door de officier van justitie moet worden teruggegeven.
Daarnaast heeft de kantonrechter het CJIB/CVOM dringend geadviseerd om de tweede aanmaning voortaan per aangetekende post te verzenden na adresverificatie in het GBA, teneinde rechtsbescherming te verbeteren en verzetzaken te voorkomen. Deze maatregel sluit aan bij de doelstelling van de Wet Mulder om de betrokkene een deugdelijke rechtsbescherming te bieden.
De beslissing is genomen op 28 januari 2015 door kantonrechter J.L. Sierkstra en griffier M.P.A.M. Penders. Betrokkene kan binnen twee weken na toezending van deze beschikking hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het dwangbevel vernietigd; betrokkene hoeft slechts €76,- te betalen.