Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
- het tussenvonnis van 15 juli 2015
- de akte uitlating van [eiser] d.d. 19 augustus 2015
- de akte uitlating na tussenvonnis van [gedaagde] d.d. 16 september 2015.
2.De verdere beoordeling
in conventie en in reconventie
- of de overeenkomst van geldlening inderdaad nog tussen hen geldt;
- of [eiser] met ingang van 1 januari 2013 inderdaad niets meer ter zake deze overeenkomst aan [gedaagde] heeft betaald;
- en het onverschuldigd betaalde ad € 26.880,- per 31 maart 2015 is verrekend
- en wat daarvan de consequenties zijn voor de vorderingen in conventie en in reconventie.
- griffierecht € 842,-
- salaris advocaat