Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
- het tussenvonnis van 18 maart 2015
- het proces-verbaal van comparitie van 21 september 2015.
2.De feiten
Beslispunten
VervolgprocedureU heeft ter zitting terecht gewezen op de vaststellingsovereenkomst die bestaat. Dit houdt in dat met de ongegrondverklaring van het bezwaarschrift deze zaak nog niet is opgelost. Wij willen dan ook graag met u kijken hoe alsnog uitvoering gegeven kan worden aan deze overeenkomst. Wij nemen daartoe nog contact met u op.” In haar uitspraak op het door Obase ingestelde beroep tegen dit besluit overweegt de bestuursrechter dat de vaststellingsovereenkomst een privaatrechtelijke overeenkomst betreft, die langs privaatrechtelijke weg moet worden afgedwongen.
3.Het geschil
4.De beoordeling
€ 50.000,- in verband met de kwestie ‘Schouwse Duif’ en € 125.000,- wegens de kwestie ‘Sluiting AZC’, dus in totaal het gevorderde bedrag aan hoofdsom € 175.000,-. Tussen partijen is niet overeengekomen dat de gemeente alleen vergoedingsplichtig wordt als zij de aanvraag op basis van de voorziening honoreert. De gemeente had dan ook niet meer de vrijheid om uitkering van de overeengekomen bedragen te weigeren.
- griffierecht € 3.829,00
- kosten dagvaardingsexploot € 93,80
- salaris advocaat