Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 6 januari 2016 van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[naam eiseres] , te [woonplaats eiseres] , eiseres,
Procesverloop
Overwegingen
gaanwerken, maar ook aan werkenden die geen perspectief hebben om op de arbeidsmarkt door progressie substantieel meer te gaan verdienen dan het minimumloon.". Het is verder de vraag of het uitsluiten van de gehele categorie personen aan wie arbeidsverplichtingen zijn opgelegd, zich verdraagt met deze citaten en met het feit dat de landelijke wetgever maatwerk beoogt bij het toekennen van langdurigheidstoeslag (zie p. 3 van de memorie van toelichting).
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt het college op een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;
- draagt het college op het betaalde griffierecht van € 45,- aan eiseres te vergoeden;
- veroordeelt het college in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 992,-.