Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
- hoofdstuk 3.1, voorschriften 3.1.1 tot en met 3.1.5
- hoofdstuk 3.3, 3.4, 3.8, 3.9, 3.11 t/m 3.21, 3.23
- hoofdstuk 4, met uitzondering van de voorschriften 4.3.2, 4.4.2, 4.8.1.1 en 4.8.2.2.
konontstaan. De waarschijnlijkheid van aanwezigheid van een gevaarlijke explosieve atmosfeer is dus de grondslag, hiervoor zijn dus geen daadwerkelijke metingen noodzakelijk.
konontstaan. Dit terwijl dat afvullen geschiedde op een plaats die in het EVD was aangeduid als gevarenzone 2 voor het ontstaan van een explosieve atmosfeer.
op één of meer tijdstippenin
of omstreeksde periode 9 september 2013 tot en met 3 december 2013 te Klundert, gemeente Moerdijk,
al dan nietopzettelijk heeft gehandeld in strijd met
een of meervoorschrift
(en
)van de omgevingsvergunning van 21 juni 2010 van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk, welk
(e
)voorschrift
(en
)betrekking had
(den
)op activiteiten als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, te weten
het oprichten, veranderen of veranderen van de werking en/ofhet in werking hebben van een inrichting, gevestigd [adres] ,
/of4.5.1 van PGS 15 met bijbehorend errata, immers
/ofstoffen van de ADR klasse 8 met bijkomend brandgevaar, niet opgeslagen in de daarvoor bestemde voorziening en
/of
althans was in de gebruikte opslagvoorziening niet het - afhankelijk van de eigenschappen van die opgeslagen gevaarlijke stoffen, het verpakkingsmateriaal en/of de hoeveelheid opgeslagen stoffen - overeenkomstig tabel 4 van PGS 15 bepaalde beschermingsniveau 1 gerealiseerden
/of
althans was in de gebruikte opslagvoorziening niet het -afhankelijk van de eigenschappen van die opgeslagen gevaarlijke stoffen, het verpakkingsmateriaal en/of de hoeveelheid opgeslagen stoffen – overeenkomstig tabel 4 van PGS 15 bepaalde beschermingsniveau 1 gerealiseerd;
of omstreeks22 juli 2014 te Klundert, gemeente Moerdijk, als degene die een inrichting aan de [adres] dreef, waarop het Besluit risico's zware ongevallen 1999 van toepassing was,
al dan nietopzettelijk niet alle maatregelen heeft getroffen die nodig zijn om zware ongevallen te voorkomen en/of de gevolgen daarvan voor mens en milieu te beperken, immers heeft zij terwijl bij het afvullen van drums met licht ontvlambare stoffen,
althans met stoffen die licht ontvlambare stoffen bevatteneen explosieve atmosfeer kon ontstaan en
/ofterwijl dat afvullen geschiedde op een plaats die in het voor die inrichting geldende explosieveiligheidsdocument was aangeduid als gevarenzone voor het ontstaan van een explosieve atmosfeer op die plaats gebruik gemaakt van een puntafzuiging en
/ofeen weegschaal die niet explosieveilig waren,
in elk geval niet geschikt was/waren voor het
of omstreeksde periode 9 september 2013 tot en met 18 november 2014 te Klundert in de gemeente Moerdijk, als degene die een inrichting, gevestigd aan de [adres] dreef,
al dan nietopzettelijk niet - ten einde het in het tweede lid van artikel 5 van Pro het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 bedoelde beleid te bepalen en uit te voeren - een veiligheidsbeheerssysteem heeft ingevoerd waarin element d genoemd in bijlage II van voormeld besluit, te weten de beheersing van de uitvoering namelijk de vaststelling en toepassing van procedures en instructies voor de beheersing van de veiligheid van de bedrijfsvoering, met inbegrip van het onderhoud van de installaties en de tijdelijke onderbrekingen, aan de orde kwam ten aanzien van:
/of
/of
/of
/of
/of
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
betaling van een geldboete van € 60.000,=.