Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 10 oktober 2016 van de meervoudige kamer in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om hem geen Wajong-uitkering toe te kennen, stellende dat zijn medische beperkingen zijn onderschat en dat het onderzoek onvoldoende zorgvuldig was. Hij bracht aanvullende medische informatie in, waaronder een second opinion van een neuroloog.
De rechtbank oordeelt dat het UWV de SMBA-systematiek, een aanvaardbare methode, heeft toegepast om de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie te beoordelen. De medische onderzoeken door verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts zijn zorgvuldig en concluderen dat eiser lichte fysieke beperkingen heeft, maar wel in staat is tot minimaal vier uur per dag belastbaar werk en aaneengesloten een uur werken.
De arbeidsdeskundige bevestigt dat eiser geschikt is voor licht, zittend werk zoals gegevensinvoer en handmatig bestukken. De rechtbank acht de vastgestelde beperkingen en arbeidsmogelijkheden voldoende onderbouwd en wijst het beroep af. Het verzoek om wettelijke rente wordt eveneens afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
De uitspraak bevestigt dat het UWV op goede gronden de Wajong-uitkering heeft geweigerd omdat eiser mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft, waarmee niet wordt voldaan aan de voorwaarden voor toekenning van de uitkering.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de Wajong-uitkering wordt ongegrond verklaard en het verzoek om wettelijke rente afgewezen.