ECLI:NL:RBZWB:2016:6381

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
12 oktober 2016
Publicatiedatum
13 oktober 2016
Zaaknummer
C/02/313068 / HA ZA 16-185
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot voeging en tussenkomst in handelsrechtelijke procedure

In deze handelsrechtelijke procedure verzocht Uniplus Shipping Ltd om verbetering van het eerder gewezen vonnis, zodat zij alsnog met een zelfstandige vordering in het geschil tussen North Sea Bunker GmbH en League B.V. kon tussenkomen. De rechtbank heeft North Sea Bunker GmbH in de gelegenheid gesteld te reageren op dit verzoek, waarop bezwaar werd gemaakt.

De rechtbank overwoog dat Uniplus reeds was toegestaan zich te voegen aan de zijde van League in de hoofdzaak, conform het petitum van haar incidentele conclusie. De rechtbank zag geen kennelijke fout in het dictum van het eerdere vonnis en geen verzuim om over een onderdeel van het gevorderde te beslissen.

Daarom werd het verzoek van Uniplus om verbetering en/of aanvulling van het vonnis afgewezen. De beslissing werd op 12 oktober 2016 door mr. H.A. Witsiers in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Het verzoek van Uniplus Shipping Ltd om verbetering en/of aanvulling van het vonnis wordt afgewezen.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Handelsrecht
Middelburg
zaaknummer / rolnummer: C/02/313068 / HA ZA 16-185
Vonnis van 12 oktober 2016
in de zaak van
de vennootschap naar vreemd recht
NORTH SEA BUNKER GMBH,
gevestigd te Lübeck (Duitsland),
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
advocaat mr. M. van der Bent te Middelburg,
tegen
de (ontbonden) besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
LEAGUE B.V.,
zonder vestigingsplaats,
gedaagde in de hoofdzaak,
niet verschenen,
en
de vennootschap naar vreemd recht
UNIPLUS SHIPPING LTD,
gevestigd te Nicosia (Cyprus),
eiseres in het incident,
advocaat mr. J.F. van der Stelt en mr. J. Pijper te Rotterdam.
Partijen zullen hierna North Sea, League en Uniplus worden genoemd.

1.Het verzoek tot verbetering

1.1.
Bij faxbericht van 30 september 2016 is namens Uniplus verzocht om verbetering en /of aanvulling van het op 7 september 2016 in deze zaak gewezen vonnis in die zin dat alsnog wordt beslist op de vordering van Uniplus om in het geschil tussen te komen met een zelfstandige vordering gericht tegen North Sea.
1.2.
De rechtbank heeft North Sea in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Bij faxbericht van 3 oktober 2016 heeft mr. Van der Bent namens North Sea aan de rechtbank bericht bezwaar te hebben tegen inwilliging van het verzoek van Uniplus.

2.De beoordeling

2.1.
Uniplus is bij voormeld vonnis toegestaan om zich in de hoofdzaak te voegen aan de zijde van League. Die beslissing is in lijn met het petitum van de incidentele conclusie tot voeging en tussenkomst waar Uniplus verzoekt toe te staan dat zij tussenkomt
dan welzich voegt aan de zijde van League in de procedure tussen League en Nort Sea zoals ingeleid bij dagvaarding. Uit de overwegingen van het vonnis blijkt waarom de rechtbank de voeging heeft toegestaan.
De rechtbank concludeert dan ook dat er geen sprake is van een kennelijke fout in het dictum die voor correctie in aanmerking komt en evenmin van een verzuim te beslissen over een onderdeel van het gevorderde. Het verzoek van Uniplus zal derhalve worden afgewezen.

3.De beslissing

De rechtbank
wijst het verzoek van Uniplus af.
Dit vonnis is gewezen mr. H.A. Witsiers en in het openbaar uitgesproken op 12 oktober 2016.