Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Stichting TanteLouise-Vivensis,
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De zaak betreft een chef-kok die door Stichting TanteLouise-Vivensis boventallig werd verklaard en tegen de opzegging van zijn arbeidsovereenkomst in bezwaar ging. Hij verzocht primair vernietiging van de opzegging wegens schending van de wederindiensttredingsvoorwaarde, subsidiair herstel van de arbeidsovereenkomst wegens het ontbreken van een redelijke grond voor ontslag, en meer subsidiair toekenning van een billijke vergoeding.
De kantonrechter oordeelde dat de wederindiensttredingsvoorwaarde niet was geschonden, omdat de werkzaamheden niet door een nieuw aangetrokken werknemer werden verricht, maar door een reeds in dienst zijnde werknemer die was herplaatst. Tevens werd vastgesteld dat het afspiegelingsbeginsel correct was toegepast en dat er voldoende herplaatsingsinspanningen waren verricht. De stellingen van de verzoeker waren onvoldoende onderbouwd.
Daarom werd het verzoek tot vernietiging van de opzegging, het herstel van de arbeidsovereenkomst en de billijke vergoeding afgewezen. Ook het verzoek tot een voorlopige voorziening werd niet toegewezen omdat de beschikking reeds een beslissing bevatte. De verzoeker werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot vernietiging van de opzegging, herstel van de arbeidsovereenkomst en billijke vergoeding is afgewezen.