De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 19 december 2016 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van ontucht met een minderjarige prostituee. Het slachtoffer was destijds tussen zestien en achttien jaar oud en verrichtte seksuele handelingen tegen betaling. Verdachte heeft het feit bekend en de rechtbank acht het wettig en overtuigend bewezen.
Het bewijs bestond uit de bekennende verklaring van verdachte, verklaringen van het slachtoffer, een geboorteakte van het slachtoffer, en onderzoek van haar telefoon inclusief WhatsApp-berichten. De rechtbank concludeerde dat verdachte seks had met het slachtoffer zonder condoom, wat de kans op overdracht van geslachtsziekten vergrootte, en dat het slachtoffer ernstige psychische en fysieke gevolgen heeft ondervonden.
Hoewel de officier van justitie een gevangenisstraf van acht maanden vorderde, oordeelde de rechtbank dat verdachte aannemelijk heeft gemaakt te hebben gedwaald over de leeftijd van het slachtoffer, mede doordat de advertentie vermeldde dat zij meerderjarig was. De rechtbank hield ook rekening met het onvoldoende adequaat optreden van de politie bij een eerdere controle. Daarom werd een gevangenisstraf van één dag gecombineerd met een taakstraf van 210 uur opgelegd, met vervangende hechtenis voor het geval de taakstraf niet wordt uitgevoerd.