Verzoekers maakten bezwaar tegen de weigering van bijzondere bijstand door het dagelijks bestuur van Samenwerking De Bevelanden. Zij verzochten de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening. Nadat verweerder alsnog toezegde een bedrag van € 924,- toe te kennen, trokken verzoekers het verzoek om voorlopige voorziening in en vroegen zij om veroordeling van verweerder in de proceskosten.
De voorzieningenrechter stelde vast dat verweerder gedeeltelijk aan het verzoek tegemoet was gekomen en veroordeelde verweerder daarom in de proceskosten van verzoekers, vastgesteld op € 495,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. Tevens werd verweerder opgedragen het griffierecht van € 46,- te vergoeden.
De uitspraak werd gedaan zonder zitting, conform artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.