Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
ten aanzien van feit 1betoogd dat de dagvaarding nietig dient te worden verklaard. De verdediging heeft betoogd dat in de tenlastelegging de feitelijke omschrijving van de elementen waaruit het (medeplegen van) witwassen zou bestaan ontbreekt, zodat het niet duidelijk is waartegen verdachte zich moet verdedigen. Het feit is daarmee onvoldoende feitelijk omschreven en daarom voldoet de tenlastelegging niet aan de eisen van artikel 261 van Pro het Wetboek van Strafvordering en dient nietigheid van de dagvaarding te volgen.
4.De beoordeling van het bewijs
of omstreeksde periode van
1 januari 201212 juli 2013tot en met 12 juli 2016, te Tilburg,
althans (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander
of anderen,
althans alleen,van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt,
althans zich schuldig heeft gemaakt aan (schuld)witwassen,immers heeft
hij,zij,verdachte en
/of (één of meer van) zijnhaarmededader
(s), van meerderegrote
(contante
)geldbedragen
, waaronder een (contant) geldbedrag van 133.570 euro, althans van enig(e) (contante) geldbedrag(en), de werkelijke aard en/of de herkomst en/of de vindplaats en/of de vervreemding en/of de verplaatsing verborgen en/of verhuld en/of verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende is en/of enig(e) geldbedrag(en) en/of goed(eren) verworven en/of voorhanden gehad en/of overgedragen en/ofomgezet, terwijl
hijzij, verdachte, wist,
althans redelijkerwijs moest vermoeden,dat
dit/deze
(contante
)geldbedragen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig
was/waren uit enig misdrijf;
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
een taakstraf van 240 uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
120 dagen;
een gevangenisstraf van 2 maanden;