Uitspraak
RECHTBANK BREDA
1.[eiseres sub 1]
[eiseres sub 2],
STICHTING PROEFPROCESSENFONDS
DE GEBOORTEBEWEGING,
STICHTING BRAVIS ZIEKENHUIS,
1.De procedure
- de als conclusie van eis overgelegde dagvaarding met producties 1 t/m 12;
- de brieven van mr. Bergkamp van 6 en 7 maart 2018, met producties 1 t/m 8;
- de mondelinge behandeling;
- de pleitnota van eiseressen;
- de pleitnota van verweerster.
2.Het geschil
3.De beoordeling
gezamenlijk patiëntendossier en gezamenlijke intakebesprekingen zijn immers niet noodzakelijk om goede zorg te verlenen en met de betrokken gynaecologen van Bravis heeft reeds overleg plaatsgevonden. Voor de bevalling kunnen in goed overleg verdere afspraken worden gemaakt en kan alle benodigde informatie (ten behoeve van een eventuele overdracht in geval van een spoedsituatie) worden uitgewisseld. Bravis maakt misbruik van haar machtspositie dan wel heeft zij een exclusiviteitsafspraak gemaakt die mededingingsbeperkend is. Daardoor handelt zij in strijd met het kartelverbod van artikel 6 Mededingingswet Pro, dan wel anderszins onrechtmatig. Het feit dat de wensen van [eiseres sub 1] volgens Bravis niet binnen
zelfbeschikkingsrecht, op grond waarvan zij ook het recht heeft af te zien van een aantal onderdelen van de door Bravis voorgestelde begeleiding van de bevalling. Het gevolg van de uitoefening van dit aan [eiseres sub 1] toekomende recht, op de wijze waarop zij dit in de onderhavige omstandigheden doet, is echter dat zij daarmee een wezenlijk andere wijze van begeleiding van de bevalling wenst -namelijk een poliklinische bevalling onder leiding van een door haar uitgekozen, niet aan Bravis verbonden verloskundige zonder continue CTG-bewaking- dan Bravis aan haar heeft geadviseerd en Bravis als behandeling, ter uitvoering van de behandelingsovereenkomst, aanbiedt namelijk een tweedelijnsbevalling onder leiding van een gynaecoloog met continue CTG-bewaking.