ECLI:NL:RBZWB:2018:332
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontruiming wegens niet-tijdige aanzegging huurovereenkomst
In deze kortgedingprocedure vordert eiser ontruiming van de woning door gedaagde na verkoop van het gehuurde. Eiser stelt dat de huurovereenkomst voor bepaalde tijd is en tijdig is opgezegd. Gedaagde betwist dit en stelt dat de huurovereenkomst is verlengd voor onbepaalde tijd wegens niet-tijdige aanzegging.
De kantonrechter overweegt dat eiser de huurovereenkomst te vroeg heeft aangezegd, waardoor deze overeenkomst volgens artikel 7:271 lid 1 BW Pro automatisch is verlengd voor onbepaalde tijd. Eiser kan niet slagen met een beroep op redelijkheid en billijkheid om de termijn te verruimen, mede gelet op de wettelijke bescherming van huurders.
Ook het beroep op de opzeggingsgrond eigen gebruik faalt omdat eiser als rechtsopvolger geen beroep kan doen op deze grond binnen drie jaar na schriftelijke kennisgeving aan gedaagde. De gevorderde ontruiming wordt daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten en nakosten.
De kantonrechter verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst de vordering af, waarmee de huurovereenkomst voor onbepaalde tijd is voortgezet.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt afgewezen vanwege niet-tijdige aanzegging, waardoor de huurovereenkomst is verlengd voor onbepaalde tijd.