Eiseressen, Zeeuwse Lagune B.V. en VOF Vrouwe in den Polder, stelden beroep in tegen het besluit van de gemeente Noord-Beveland om de aanvraag om omgevingsvergunning voor het project Zeeuwse Lagune te weigeren. Het project betrof de realisatie van vier eilanden met hotelappartementen, recreatiewoningen en recreatieappartementen nabij de Veerse Dam.
De rechtbank oordeelde dat VOF Vrouwe in den Polder niet-ontvankelijk was omdat zij geen directe aanvrager was en slechts een afgeleid belang had. Zeeuwse Lagune B.V. voerde aan dat de gemeenteraad onjuist was voorgelicht en dat het project niet in strijd was met provinciale regelgeving en beleid, waaronder de Verordening ruimte en het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro).
De rechtbank stelde vast dat de gemeenteraad de verklaring van geen bedenkingen (vvgb) terecht had geweigerd vanwege gewijzigde ruimtelijke inzichten en afnemend maatschappelijk draagvlak. Het project zou leiden tot significante aantasting van landschappelijke en cultuurhistorische waarden van de Veerse Dam en het Veerse Meer, in strijd met de Verordening ruimte. De Zeeuwse Kustvisie onderstreepte het belang van het behoud van openheid en het voorkomen van nieuwe bebouwing op de dam.
De rechtbank concludeerde dat de weigering van de vvgb en daarmee de omgevingsvergunning rechtmatig was. Het beroep van Zeeuwse Lagune B.V. werd ongegrond verklaard en er was geen aanleiding voor schadevergoeding of proceskostenveroordeling.