Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 7 februari 2019 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser] , woonplaats onbekend, laatstelijk te [naam woonplaats 1] , eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Feiten en omstandigheden
- college:college van burgemeester en wethouders;
- inwoner:degene die als ingezetene in de basisregistratie is ingeschreven;
- schuldhulpverlening:het ondersteunen bij het vinden van een adequate oplossing gericht op de aflossing van schulden indien redelijkerwijs is te voorzien dat een natuurlijke persoon niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden of indien hij in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen, alsmede de nazorg;
- verzoeker:persoon die zich tot het college heeft gewend voor schuldhulpverlening.
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit in stand blijven;
- draagt het college op het betaalde griffierecht van € 170,- aan eiser te vergoeden.