ECLI:NL:RBZWB:2019:5319
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen gedragsaanwijzing wegens vrees voor ernstig belastend gedrag
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 28 november 2019 uitspraak gedaan over het beroep van verdachte tegen een gedragsaanwijzing van de officier van justitie van 8 november 2019. Deze gedragsaanwijzing werd opgelegd wegens verdenking van bedreiging en de vrees voor ernstig belastend gedrag jegens een persoon of personen.
De verdediging voerde aan dat er onvoldoende ernstige bezwaren waren en dat de gedragsaanwijzing niet correct was bekendgemaakt. Tevens werd gesteld dat het huisverbod de relatie en het ouderschap belemmert. Tijdens de zitting werd een familienetwerkberaad besproken waarin afspraken zijn gemaakt over medicatie en therapie van verdachte.
De officier van justitie handhaafde de gedragsaanwijzing vanwege de ernst van de situatie, waaronder kindermishandeling en het belang van toezicht op de kinderen. De rechtbank stelde vast dat aan het vereiste van ernstige bezwaren is voldaan, mede op basis van aangifte, getuigenverklaring en proces-verbaal.
De rechtbank oordeelde dat de vrees voor ernstig belastend gedrag niet alleen bestaat jegens de aangeefster, maar ook jegens de kinderen die getuige waren van het incident. Gezien de omstandigheden is de gedragsaanwijzing van 90 dagen proportioneel en vormt deze geen belemmering voor het naleven van het veiligheidsplan.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en handhaafde de gedragsaanwijzing.
Uitkomst: Het beroep tegen de gedragsaanwijzing wordt ongegrond verklaard en de gedragsaanwijzing van 90 dagen wordt gehandhaafd.