Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 maart 2020 in de zaak tussen
[naam eiser] , te [plaatsnaam] eiser
Procesverloop
Feiten en omstandigheden
- Tegen de hersteltermijn ongegrond verklaard;
- Tegen de intrekking over de periode van 1 november 2018 tot en met 14 februari 2019 gegrond verklaard;
- Tegen de intrekking met ingang van 15 februari 2019 ongegrond verklaard;
- Tegen de terugvordering gedeeltelijk gegrond verklaard, namelijk voor zover deze zag op de periode van 1 november 2018 tot en met 14 februari 2019.
Beroepsgronden
Wettelijk kader
a. vanaf de eerste dag van de periode waarop het verzuim betrekking heeft, of