Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 27 maart 2020 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiseres] , wonende te [plaatsnaam] , eiseres, gemachtigde: mr. J.W. van de Wege,
Procesverloop
Overwegingen
3. Beslissing
- verklaart het beroep tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaar tegen het besluit van 4 januari 2019 gegrond;
- draagt het UWV op
- bepaalt dat het UWV een bedrag van € 1.442,- aan dwangsommen heeft verbeurd;
- draagt het UWV op het betaalde griffierecht van € 48,- aan eiseres te vergoeden;
- veroordeelt het UWV in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 262,50.