ECLI:NL:RBZWB:2020:1686
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omgevingsvergunning tijdelijke huisvesting arbeidsmigranten in buitengebied
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alphen aan den Rijn heeft een omgevingsvergunning verleend voor het tijdelijk huisvesten van arbeidsmigranten in een bedrijfswoning in het buitengebied. Eiser, wonende op het naastgelegen perceel, maakte bezwaar tegen deze vergunning en stelde dat het besluit in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de beleidsregels voor tijdelijk wonen van arbeidsmigranten.
De rechtbank heeft beoordeeld of het college in redelijkheid heeft kunnen besluiten de vergunning te verlenen, waarbij onder meer is gekeken naar de toepasselijkheid van de beheersverordening, de beleidsregels, het communicatieplan en de maatregelen om overlast te beperken. De rechtbank concludeert dat het college voldoende motivering heeft gegeven en rekening heeft gehouden met de belangen van eiser.
Hoewel eiser enkele keren overlast heeft ervaren en de communicatie niet altijd vlekkeloos verliep, acht de rechtbank dit onvoldoende reden om de vergunning te weigeren. De termijn van tien jaar voor de vergunning wordt niet onredelijk geacht, mede gezien de investeringen van de vergunninghouder en de randvoorwaarden ter beperking van overlast.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het besluit van het college blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor tijdelijke huisvesting arbeidsmigranten wordt ongegrond verklaard.