ECLI:NL:RBZWB:2020:1753
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling bij intrekking voorlopige voorziening wegens last onder dwangsom
Verzoekers maakten bezwaar tegen een last onder dwangsom opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van Breda, die het pand moest terugbrengen naar gebruik door maximaal één huishouden. Zij vroegen op 17 februari 2020 een voorlopige voorziening. Het college schortte de uitvoering van de last op tot zes weken na bezwaarbeslissing vanwege coronamaatregelen. Verzoekers trokken daarop hun verzoek in en verzochten het college in de proceskosten te veroordelen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het college gedeeltelijk aan verzoekers tegemoet was gekomen door de schorsing van de last, maar dat dit uitsluitend verband hield met coronamaatregelen. Dit was onvoldoende reden om het college in proceskosten te veroordelen. Wel werd het griffierecht van €178,- aan verzoekers terugbetaald.
De voorzieningenrechter wees het verzoek om proceskostenveroordeling af en verklaarde het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenveroordeling tegen het college wordt afgewezen.