ECLI:NL:RBZWB:2020:1797
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Van Dun
- Rechtspraak.nl
Toewijzing rechterlijke machtiging tot opname en verblijf op grond van de Wet zorg en dwang
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 29 januari 2020 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot het verlenen van een rechterlijke machtiging ex artikel 24 Wet Pro zorg en dwang (Wzd) ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan een psychogeriatrische aandoening, vermoedelijk dementie van het type Alzheimer. Betrokkene werd opgenomen vanwege cognitieve achteruitgang en psychotische symptomen en verblijft momenteel in een psychiatrisch ziekenhuis.
Betrokkene verzet zich tegen de opname en wil naar huis, waar zij hulp ontvangt. De behandelaar stelde echter dat opname noodzakelijk is vanwege ernstig nadeel, waaronder verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en agressie. De geriater gaf aan dat betrokkene 24-uurs zorg nodig heeft die thuis niet adequaat kan worden geboden, mede door desoriëntatie en medicatieproblemen.
De rechtbank oordeelde dat aan de criteria voor een rechterlijke machtiging is voldaan. Er is sprake van een onomkeerbare, progressieve aandoening met ernstig nadeel en geen minder ingrijpend alternatief. De machtiging wordt daarom voor zes maanden toegekend, aansluitend op de lopende inbewaringstelling. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf wordt voor zes maanden toegekend vanwege ernstig nadeel door psychogeriatrische aandoening.