Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Feiten
2.Wettelijk kader
3.Omvang geschil
4.Beoordeling
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eiseres is eigenaar van een perceel waarop zij een woning heeft die in strijd met het bestemmingsplan door twee huishoudens wordt bewoond. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rucphen legde haar een last onder dwangsom op om deze strijdigheid te beëindigen en vorderde een dwangsom van € 6.000,- wegens niet-naleving.
Eiseres betoogde dat bijzondere omstandigheden en een te korte begunstigingstermijn haar verhinderden om aan de last te voldoen, en dat de hoogte van de dwangsom buitenproportioneel was. De rechtbank oordeelde dat eiseres geen bijzondere omstandigheden had aangetoond en dat de begunstigingstermijn van twee maanden redelijk was, mede omdat zij al sinds juni 2018 op de hoogte was.
De rechtbank stelde vast dat de overtreding onbetwist was en dat het college terecht de dwangsom had ingevorderd. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de last onder dwangsom en de invordering daarvan wordt ongegrond verklaard.