Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 11 augustus 2020 van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam] , wonende te [woonplaats] , verzoeker,
de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, verweerder.
Procesverloop
Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
€ 129,77 maandelijks nog een bedrag van DUO ontvangt van € 262,59. Verder ontvangt eiser een maandelijkse zorgtoeslag van € 104,--. In totaal is dit een bedrag aan inkomsten van € 366,59. Uit de gegeven toelichtingen op het spoedeisend belang blijkt dat verzoeker nu nog geen collegegeld hoeft te betalen en dat zijn vaste lasten aan derden (telefoon, zorgkosten, scoooterverzekering en netflix) € 201,37 zijn. De overige kosten zijn variabel of kosten die hij aan zijn opa moet betalen.