De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 12 augustus 2020 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen van afpersing en diefstal met geweld, alsmede heling van een telefoon in Tilburg op of omstreeks 27 oktober 2018. De tenlastelegging werd gewijzigd en omvatte primair medeplegen van diefstal met geweld en subsidiair heling.
De officier van justitie verzocht om vrijspraak omdat verdachte weliswaar aanwezig was op het plein waar het incident plaatsvond, maar niet actief betrokken was bij de diefstal of het geweld. Verdachte zelf bevestigde dit en verklaarde op afstand te hebben toegekeken en de telefoon niet in bezit te hebben gehad.
De rechtbank stelde vast dat verdachte samen met anderen naar het plein was gegaan vanwege een conflict, maar dat uit de verklaringen en het dossier niet wettig en overtuigend kon worden bewezen dat verdachte actief deelnam aan de diefstal met geweld of de telefoon in bezit had. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van zowel het primair als het subsidiair tenlastegelegde.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank op 26 augustus 2020 in Breda.