Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
een gevangenisstraf van 12 maanden;
“ [aangeefster] , hij heeft de la gepakt. Hij heeft het geld gepakt.”Ik ben direct naar buiten gerend. Ik liep [café 2] binnen. Ik zag de man zitten die zojuist in mijn café had gezeten. Er zaten ongeveer twee tot drie minuten tussen dat [getuige 1] mij riep en dat ik het café binnen liep. Ik sprak hem aan. Ik wilde mijn geld terug. Hij stond op en werd agressief. Ik heb het geld teruggekregen maar dat was later. Hij greep naar zijn zak. Ik zag dat hij iets uit zijn zak pakte. Ik zag dat het een vuurwapen was. Ik pakte het wapen van de man af. U vraagt mij hoeveel geld hij had meegenomen uit mijn kassalade. Ik kreeg van de man briefgeld terug. Dat waren twee briefjes van € 5,-, zes van € 10,- en vier van € 20,-.
2. Het ambtsedig proces-verbaal van verhoor getuige (opgenomen als bijlage op pagina 41-43 van het proces-verbaal genummerd PL2000-2018293443) van de politie Eenheid Zeeland-West-Brabant, opgemaakt in de wettelijke vorm en inhoudende de verklaring van [getuige 5] :
"er lekt iets bij het kraantje in de wc". Ik dacht nog bij mezelf:
"ik heb niets gezien". Ik zag dat [getuige 1] een waterpomptang pakte en een emmer mee naar de wc nam. Ik zag dat de man achter de bar stond en naar het midden van de bar liep. Ik zag dat de man een lade opentrok. Ik zag dat dit de bovenste lade betrof. Ik zag vervolgens dat de onbekende man er met zijn hand iets uit pakte. Ik zag dat hij het voorwerp welke hij uit de lade had gepakt in één van zijn zakken deed. Omdat ik vaker in dit café kom weet ik dat [getuige 1] en [aangeefster] hier hun geld in bewaren. Ik zag dat de man vervolgens het café uit liep. Ik zei tegen [getuige 1] :
“volgens mij heeft hij geld weggehaald”. Ik zag dat [getuige 1] naar de lade liep waarna ik hoorde dat hij [aangeefster] riep, welke op dat moment nog boven was.
3. Het ambtsedig proces-verbaal van verhoor getuige (opgenomen als bijlage op pagina 46-48 van het proces-verbaal genummerd PL2000-2018293443) van de politie Eenheid Zeeland-West-Brabant, opgemaakt in de wettelijke vorm en inhoudende de verklaring van [getuige 3] :
"Meneer, alstublieft geef mijn geld terug."Ik zag dat de man zelf zijn hand uit zijn jas haalde en ik zag meteen een klein donker grijs pistooltje die hij vast had. Ik zag ook dat de man zijn vinger om de trekker van het pistool had. Het lukte mij uiteindelijk om het pistool van hem af te pakken. De man pakte uiteindelijk zijn portemonnee en gaf [aangeefster] een geldbedrag. Hij probeerde nog iets uit zijn jaszak te pakken, bleek een doosje te zijn met kogeltjes.
4. Het ambtsedig proces-verbaal van bevindingen (opgenomen als bijlage op pagina 65-66 van het proces-verbaal genummerd PL2000-2018293443) van de politie Eenheid Zeeland-West-Brabant, opgemaakt in de wettelijke vorm en inhoudende het relaas van verbalisant [verbalisant 1] :
Verdachte: [verdachte] , [geboortedag] 1959 te [geboorteplaats] .
5. Het ambtsedig proces-verbaal van ‘omschrijving op een vuurwapen gelijkend voorwerp met munitie (opgenomen als bijlage op pagina 88-89 van het proces- verbaal genummerd PL2000-2018293443) van de politie Eenheid Zeeland-West- Brabant, opgemaakt in de wettelijke vorm en inhoudende het relaas van verbalisant [verbalisant 2] :
Juridische omschrijving revolver:Derhalve is deze revolver een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3, gelet op artikel 2, lid 1, categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.
Juridische omschrijving munitie:De omschreven munitie is munitie die geschikt is voor vuurwapens van categorie III en derhalve munitie in de zin van artikel 1 onder Pro 4, gelet op artikel 2, lid 2, categorie III, van de Wet wapens en munitie.