Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
- het verzoek tot wraking, met bijlagen, door de rechtbank ontvangen op 5 augustus 2020;
- de reactie van de gewraakte rechter, door de rechtbank ontvangen op 12 augustus 2020;
- de processtukken zoals opgenomen in het dossier van de rechtbank in de hoofdzaak;
- de behandeling van het wrakingsverzoek door de wrakingskamer ter zitting van 24 augustus 2020, waarbij aanwezig was: de advocaat van verzoeker. De gewraakte rechter en de officier van justitie zijn, met bericht aan de rechtbank, niet ter zitting verschenen.
2.Het verzoek
3.Feiten
4.Het standpunt van verzoeker
- ter zitting de door het Openbaar Ministerie toegezonden stukken wel werden voorgehouden, maar de door de verdediging toegezonden stukken niet;
- ter zitting duidelijk werd dat de rechter de stukken van de verdediging niet had gelezen;
- in de beslissing niet wordt ingegaan op het door de verdediging gevoerde niet-ontvankelijkheidsverweer, terwijl wel is beslist op een niet gedaan schorsingsverzoek;
- in de beslissing feitelijke onjuistheden staan, waardoor het lijkt dat niet naar de verdediging is geluisterd, de beslissing al voorafgaande aan de raadkamer vaststond en al grotendeels op papier was gezet;
- een zeer summier proces-verbaal van de zitting is opgesteld.