ECLI:NL:RBZWB:2020:4194
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Peters
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen intrekking last onder bestuursdwang voor schuilschuur
Eiser woont naast een perceel waarop een schuilschuur staat die sinds 1988 als recreatiewoning wordt gebruikt. Het perceel is eigendom van een derde-partij. Het college heeft een last onder bestuursdwang opgelegd aan de derde-partij en deze later ingetrokken na het verlenen van een tijdelijke omgevingsvergunning voor de schuilschuur.
Eiser maakte bezwaar tegen de intrekking van de last onder bestuursdwang en stelde dat het college onzorgvuldig had gehandeld door te besluiten voordat het bezwaar tegen de tijdelijke omgevingsvergunning was behandeld. Tevens betoogde eiser dat de tijdelijke omgevingsvergunning in rechte niet houdbaar zou zijn omdat recreatief gebruik niet is toegestaan.
De rechtbank oordeelde dat het zorgvuldigheidsbeginsel niet in de weg stond aan het besluit van het college en dat het college in redelijkheid tot intrekking van de last onder bestuursdwang kon besluiten omdat er geen overtreding meer was. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de last onder bestuursdwang is ongegrond verklaard.