ECLI:NL:RBZWB:2020:4908
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen sluiting horecaondernemingen wegens ontbreken vergunningen en slecht levensgedrag leidinggevende
Verzoeksters exploiteerden twee horecabedrijven zonder de vereiste drank- en horecavergunningen. De burgemeester van Roosendaal legde een last onder bestuursdwang op tot sluiting van de ondernemingen. Verzoeksters betoogden dat er zicht was op legalisatie omdat zij nieuwe vergunningaanvragen hadden ingediend en dat het handhavend optreden willekeurig was, aangezien een nabijgelegen restaurant zonder vergunning niet werd gesloten.
De voorzieningenrechter oordeelde dat geen zicht op legalisatie bestond vanwege meerdere veroordelingen van de leidinggevende voor ernstige delicten, wat slecht levensgedrag oplevert. De eerdere vergunningverlening en een recente VOG konden dit niet compenseren. Ook was er geen sprake van willekeur, omdat het aangrenzende restaurant inmiddels wel over de vereiste vergunningen beschikt en de situatie van verzoeksters wezenlijk verschilt.
De stelling dat sluiting tot faillissement zou leiden werd niet als bijzondere omstandigheid erkend. Het handhavend optreden was rechtmatig en proportioneel. De verzoeken om voorlopige voorziening werden daarom afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de horecabedrijven wordt afgewezen.