Eiseres, voormalig tandartsassistente, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om haar geen WIA-uitkering toe te kennen per 16 april 2019. Zij lijdt aan ACNES, rug- en psychische klachten en stelt dat haar beperkingen ernstiger zijn dan vastgesteld.
Het UWV baseerde haar beslissing op medische rapportages van verzekeringsartsen die de functionele beperkingen vastlegden in een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML). Ondanks de subjectieve klachten van eiseres concludeerden de artsen dat de beperkingen objectief gezien niet zodanig zijn dat zij recht heeft op een uitkering.
De rechtbank oordeelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig is uitgevoerd en dat de FML een juiste weergave is van de belastbaarheid van eiseres. De arbeidsdeskundige heeft passende functies geselecteerd om de mate van arbeidsongeschiktheid te bepalen, welke op 8,03% werd vastgesteld.
Omdat de mate van arbeidsongeschiktheid onder de 35% ligt, bestaat geen recht op een WIA-uitkering. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Er worden geen proceskosten toegekend en het griffierecht wordt niet vergoed.