Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het onder parketnummer 02/222446-19 tenlastegelegde feit 2;
Overtreding van artikel 8, vijfde lid, van de Wegenverkeerswet 1994;
een gevangenisstraf van twee maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
behandeling, waarbij het innemen van medicijnen onderdeel kan zijn van de behandeling;
geeft opdracht aan de reclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;
een taakstraf van 120 uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
60 dagen;
een ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen van één jaar voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
10.Bijlage I: De tenlastelegging
11.Bijlage II
.
.
.