ECLI:NL:RBZWB:2020:5490
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling wegens niet tijdige uitbetaling Participatiewet-uitkering
Verzoekster maakte bezwaar tegen het niet uitbetalen van haar Participatiewet-uitkering en vroeg om een voorlopige voorziening. Nadat het college alsnog tot betaling overging, trok verzoekster het verzoek in en verzocht om proceskostenvergoeding.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het niet uitbetalen van de uitkering een nalaten van een handeling is waarop bestuursrechtelijke rechtsmiddelen van toepassing zijn. Het college kwam gedeeltelijk tegemoet door betaling na het verzoek om voorlopige voorziening.
Hierdoor was er aanleiding het college te veroordelen in de proceskosten van verzoekster, vastgesteld op €525,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. Een vergoeding van griffierecht werd achterwege gelaten omdat verzoekster dit niet had betaald.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter V.M. Schotanus en griffier P. Oudkerk op 9 november 2020 en is niet vatbaar voor beroep.
Uitkomst: Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg is veroordeeld tot betaling van €525,- aan proceskosten aan verzoekster.