ECLI:NL:RBZWB:2020:5517
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling gemeente Breda in proceskosten wegens niet tijdig besluit bijzondere bijstand
Verzoeker stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het college van burgemeester en wethouders van Breda op zijn bezwaar tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor bijzondere bijstand. Op 8 april 2020 nam het college alsnog een beslissing op bezwaar. Vervolgens trok verzoeker het beroep in en verzocht om veroordeling van het college in de proceskosten.
Het college stemde in met een proceskostenvergoeding met een wegingsfactor van 0,5. De rechtbank oordeelde dat het college aan verzoeker was tegemoetgekomen en veroordeelde het college tot vergoeding van de proceskosten van € 262,50, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht. Daarnaast overwoog de rechtbank dat het griffierecht van € 48,- door het college aan verzoeker dient te worden vergoed, zodat een aparte veroordeling daarvoor niet nodig was.
De rechtbank liet een behandeling ter zitting achterwege en deed uitspraak op 6 november 2020. De uitspraak werd openbaar gemaakt via geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het college van burgemeester en wethouders van Breda is veroordeeld in de proceskosten van € 262,50 wegens niet tijdig besluit op bezwaar bijzondere bijstand.