ECLI:NL:RBZWB:2020:5526

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
6 november 2020
Publicatiedatum
11 november 2020
Zaaknummer
AWB- 19_4048
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:75a AwbArt. 8:41 Awb
Verwijzingen
6 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling UWV in proceskosten na wijziging WIA-uitkeringsbesluit

Verzoeker had beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV van 1 juli 2019 over de toekenning van een WIA-uitkering. Het UWV wijzigde het besluit op 30 september 2020, waarbij verzoeker per 10 januari 2019 voor 80-100% arbeidsongeschikt werd beschouwd. Hierna trok verzoeker het beroep in en verzocht om veroordeling van het UWV in de proceskosten.

Het UWV gaf aan bereid te zijn de proceskosten en het griffierecht te vergoeden. De rechtbank stelde vast dat het UWV aan verzoeker tegemoet was gekomen en veroordeelde het UWV in de proceskosten van € 525,-. Het griffierecht van € 47,- werd door het UWV zelfstandig vergoed, zodat een veroordeling daarvoor niet nodig was.

De rechtbank liet de behandeling van het verzoek ter zitting achterwege en deed het vonnis op 6 november 2020. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.

Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker van € 525,- na wijziging van het WIA-besluit.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 19/4048 WIA
uitspraak van 6 november 2020 van de enkelvoudige kamer op het verzoek om veroordeling in de proceskosten in de zaak tussen

[verzoeker], wonende te [woonplaats], verzoeker,

gemachtigde: mr. A. Boesjes, werkzaam bij ARAG Rechtsbijstand,
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen(UWV), verweerder.

Procesverloop

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 1 juli 2019 (bestreden besluit) van het UWV inzake de toekenning van een uitkering ingevolge de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA).
Bij besluit van 30 september 2020 heeft het UWV het bestreden besluit gewijzigd, in die zin dat verzoeker per 10 januari 2019 voor 80-100 % arbeidsongeschikt wordt beschouwd.
Vervolgens heeft verzoeker het beroep ingetrokken, met het verzoek het UWV te veroordelen in de proceskosten. Op 7 oktober 2020 heeft het UWV de rechtbank laten weten bereid te zijn om de proceskosten en het griffiegeld te vergoeden.
De rechtbank heeft, met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), een behandeling van het verzoek ter zitting achterwege gelaten.

Overwegingen

1. Op grond van artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb kan de rechtbank het bestuursorgaan veroordelen in de proceskosten, wanneer het beroep wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift tegemoet is gekomen.
2. Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit het besluit van 30 september 2020 dat het UWV aan verzoeker tegemoet is gekomen. Hierin ziet de rechtbank aanleiding het UWV te veroordelen in de door verzoeker gemaakte proceskosten. Die kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht vast op € 525,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift, met een waarde per punt van € 525, en wegingsfactor 1).
3. De rechtbank overweegt ten overvloede dat het UWV op grond van artikel 8:41, zevende lid, van de Awb het griffierecht van € 47,- aan verzoeker dient te vergoeden, zodat een veroordeling daartoe niet nodig is.
Beslissing
De rechtbank veroordeelt het UWV in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 525,-.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.L. Sierkstra, rechter, in aanwezigheid van
mr. A.M. Pasmans, griffier, op 6 november 2020 en is openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier* rechter
* De griffier is niet in de gelegenheid deze uitspraak mee te ondertekenen.
Afschrift verzonden aan partijen op:

Als u het niet eens bent met deze uitspraak

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij de rechtbank.