ECLI:NL:RBZWB:2020:6312
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Kort geding
- E.J.G. Eijssen-Vruwink
- Rechtspraak.nl
Ontruiming kluswoning wegens ernstige gebreken en weigering dringende werkzaamheden
In deze kortgedingprocedure vordert de verhuurder de ontruiming van een kluswoning vanwege ernstige gebreken en overlast veroorzaakt door de huurder. De huurder verzet zich tegen de ontruiming en vordert in reconventie dat de verhuurder de woning binnen een maand renoveert.
De rechtbank stelt vast dat de huurovereenkomst een kluswoning betreft, waarbij de huurder verantwoordelijk is voor onderhoud. Er zijn ernstige gebreken geconstateerd, waaronder een onveilig plafond, vernielingen en overlastklachten. De huurder heeft herhaaldelijk geweigerd dringende herstelwerkzaamheden toe te laten, ondanks meerdere waarschuwingen en politie-inzet.
De rechtbank oordeelt dat de verhuurder een spoedeisend belang heeft bij ontruiming vanwege het brandgevaar en de overlast. De weigering van de huurder vormt een ernstige tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst. De vordering tot ontruiming wordt daarom toegewezen. De vordering van de huurder tot renovatie wordt afgewezen omdat de verhuurder slechts gehouden is tot onderhoud dat de veiligheid en bewoonbaarheid waarborgt, niet tot volledige renovatie.
De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen twee weken na betekening van het vonnis en tot betaling van proceskosten en nakosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming van de kluswoning binnen twee weken, terwijl de vordering tot renovatie wordt afgewezen.