Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 15 december 2020 van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , wonende te [woonplaats] , verzoeker,
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen,
Procesverloop
Overwegingen
Die aanvraag is in een besluit van 27 mei 2020 afgewezen, en verzoekers bezwaar tegen dat besluit is in het bestreden besluit ongegrond verklaard.
In aansluiting daarop komt verzoeker, naar zijn zeggen, niet in aanmerking voor een andere uitkering. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen ter overbrugging van de periode waarin zijn beroep tegen het bestreden besluit wordt behandeld.