ECLI:NL:RBZWB:2020:7118
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring bezwaar tegen definitieve berekening zorgtoeslag en kindgebonden budget 2018
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Belastingdienst/Toeslagen over de definitieve berekening van de zorgtoeslag en het kindgebonden budget over 2018. Het bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het na de wettelijke termijn van zes weken was ingediend.
De rechtbank stelde vast dat het primaire besluit gedateerd was op 2 augustus 2019 en dat de bezwaartermijn op 13 september 2019 afliep. Het bezwaar van eiser, ingediend op 16 oktober 2019, was daarmee te laat. Eiser voerde aan dat hij eerder bezwaar had gemaakt tegen voorschotbeschikkingen, maar deze waren niet gelijk te stellen met bezwaar tegen het primaire besluit.
De rechtbank oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was. Eiser had onvoldoende onderbouwd dat hij niet in staat was tijdig bezwaar te maken of een derde in te schakelen. De eigen verantwoordelijkheid van eiser om zijn administratie op orde te houden woog mee. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de definitieve berekening van zorgtoeslag en kindgebonden budget 2018 is niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de bezwaartermijn.