Uitspraak
2.De feiten
- de minderjarigen hun hoofdverblijf bij de vrouw hebben;
- de minderjarigen in het kader van de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken eenmaal per twee weken van vrijdagmiddag 17.15 uur voor het eten tot en met zondagavond 18.30 na het eten en van dinsdagmiddag na de opvang of school tot en met woensdagochtend, alsmede gedurende de helft van de (school)vakanties, feestdagen en andere vrije dagen bij de man verblijven;
- de man aan de vrouw, in de eerste week van iedere maand bij vooruitbetaling, een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarigen voldoet van € 110,= per kind per maand.