ECLI:NL:RBZWB:2021:1247
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- T. Peters
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen opschorting inschrijving in BRP
Verzoeker maakte bezwaar tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hulst om de bijhouding van zijn persoonslijst in de basisregistratie personen (BRP) op te schorten en tegen de weigering van zijn aangifte van hervestiging. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat onvoldoende sprake was van een spoedeisend belang. Verzoeker stelde imagoschade te lijden door publicatie van het besluit en problemen te ondervinden bij zijn zorgverzekering en Kamer van Koophandel. Deze gronden werden niet als voldoende urgent beschouwd omdat imagoschade niet met een voorlopige voorziening kan worden voorkomen en er geen bewijs was dat zorgverzekeraars of de Kamer van Koophandel daadwerkelijk problemen veroorzaakten.
De voorzieningenrechter kwam daarom niet toe aan de inhoudelijke beoordeling van de verzoeken en wees deze af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de voorzieningenrechter T. Peters en griffier W.J.C. Goorden op 17 maart 2021.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af wegens onvoldoende spoedeisend belang.