ECLI:NL:RBZWB:2021:1291
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vaststelling voorschot NOW-1 op basis van loonsom inclusief bonussen afgewezen
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen het voorschotbesluit van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW-1). Zij stelde dat de loonsom over januari 2020, waarop het voorschot is gebaseerd, niet representatief is vanwege de uitbetaling van bonussen in die maand. Volgens eiseres leidt dit tot ongelijke behandeling en onrechtvaardigheid, aangezien andere werkgevers geen bonussen uitkeren of deze in andere maanden betalen.
De rechtbank overweegt dat het voorschot conform artikel 11, tweede lid, van de NOW-1 is vastgesteld en dat de Centrale Raad van Beroep heeft bevestigd dat deze regeling niet in strijd is met het evenredigheidsbeginsel of andere rechtsbeginselen. Correcties op de loonsom, zoals het filteren van bonussen, kunnen pas bij de definitieve subsidievaststelling op grond van artikel 7 van Pro de NOW-1 worden toegepast.
De rechtbank benadrukt dat het voorschot snel en eenvoudig moet worden vastgesteld zonder maatwerk, en dat de loonsom uit de polisadministratie zonder nader onderzoek wordt gebruikt. Daarom kan eiseres haar bezwaren pas bij de definitieve subsidievaststelling aanvoeren. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het voorschotbesluit NOW-1 wordt ongegrond verklaard omdat correcties op de loonsom pas bij de definitieve subsidievaststelling kunnen worden toegepast.