ECLI:NL:RBZWB:2021:1604
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom wegens overtreding APV
Verzoeker maakte bezwaar tegen een last onder dwangsom opgelegd door de burgemeester van Woensdrecht wegens overtreding van artikel 2:74 van Pro de Algemene plaatselijke verordening (APV), waarin het verboden is op een openbare plaats harddrugs te verkopen of aan te bieden.
De burgemeester baseerde het besluit op een bestuurlijke rapportage waarin werd vastgesteld dat verzoeker op 20 oktober 2020 harddrugs op een parkeerterrein in zijn woonplaats verkocht. Verzoeker vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening om de last te schorsen, uit vrees voor verbeurte van de dwangsom.
De voorzieningenrechter oordeelde dat een financieel belang op zichzelf geen spoedeisend belang vormt, tenzij sprake is van een actuele financiële noodsituatie met onomkeerbare gevolgen. Dit was niet aangetoond. Ook waren geen andere omstandigheden die spoedeisendheid rechtvaardigen gesteld of gebleken.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en aan een inhoudelijke beoordeling van het besluit zelf werd niet toegekomen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de last onder dwangsom wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.