ECLI:NL:RBZWB:2021:1675
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling UWV in proceskosten na gedeeltelijke tegemoetkoming in WIA-uitkering
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om de WIA-uitkering van betrokkene ongewijzigd voort te zetten vanaf 19 oktober 2019. Later heeft het UWV dit besluit gewijzigd en de uitkering ingetrokken vanaf 9 september 2020. Naar aanleiding hiervan heeft verzoekster het beroep ingetrokken en verzocht om veroordeling van het UWV in de proceskosten.
De rechtbank overweegt dat het UWV door het gewijzigde besluit gedeeltelijk aan verzoekster is tegemoetgekomen, waardoor op grond van artikel 8:75a Awb het UWV in de proceskosten kan worden veroordeeld. De proceskosten worden vastgesteld op € 534,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Daarnaast wordt opgemerkt dat het griffierecht van € 354,- door het UWV aan verzoekster moet worden vergoed op grond van artikel 8:41, zevende lid, Awb, zodat hiervoor geen veroordeling nodig is. De rechtbank veroordeelt het UWV dan ook tot betaling van € 534,- aan proceskosten.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van € 534,- aan proceskosten aan verzoekster.