ECLI:NL:RBZWB:2021:1874
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Peters
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omgevingsvergunning voor bedrijfspand en parkeerbehoefte in Goirle
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 6 mei 2020 waarbij het college van burgemeester en wethouders van Goirle een omgevingsvergunning verleende aan een derde partij voor het oprichten van een bedrijfspand en het gebruik van gronden in strijd met het bestemmingsplan. Eiser betoogde dat het besluit onzorgvuldig was genomen en onvoldoende gemotiveerd, met name op het gebied van geluid en parkeer- en verkeerssituatie.
De rechtbank stelde vast dat het beroep zich uitsluitend richtte op het onderdeel van het besluit met betrekking tot het gebruik van gronden in strijd met het bestemmingsplan en meer specifiek op het aantal parkeerplaatsen. Eerder was een vergelijkbare procedure gevoerd waarbij het college was opgedragen het besluit opnieuw te motiveren over de parkeerbehoefte.
Het college had de parkeerbehoefte berekend aan de hand van de CROW-publicatie 317 en het bedrijfstype als arbeidsextensief en bezoekersextensief gekwalificeerd, vergelijkbaar met een transportbedrijf. Het college ging uit van het minimale parkeerkencijfer van 0,8 parkeerplaats per 100 m² en hield rekening met stimulering van openbaar vervoer en fietsgebruik door het personeel. Hoewel er op eigen terrein 28 parkeerplaatsen zijn gerealiseerd, was dat minder dan de berekende behoefte van 34 plaatsen.
Het college maakte gebruik van een discretionaire bevoegdheid om af te wijken van de eis dat alle parkeerplaatsen op eigen terrein moeten zijn, door een huurovereenkomst voor zes parkeerplaatsen op een nabijgelegen perceel te sluiten. De rechtbank oordeelde dat het college deze afwijkingsbevoegdheid in redelijkheid heeft toegepast en dat de motivering voldoende was. De vrees van eiser dat de huurovereenkomst niet duurzaam is, woog niet zwaarder dan het belang van het college. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning is ongegrond verklaard en het besluit gehandhaafd.