ECLI:NL:RBZWB:2021:2411
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. De Roos
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser, met de Tunesische nationaliteit, diende een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, nam de aanvraag niet in behandeling omdat België volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Nederland had een verzoek tot terugname bij België ingediend, dat door België was aanvaard.
Eiser stelde dat hij in België slecht werd behandeld en vreest voor discriminatie en een niet-fatsoenlijke behandeling van zijn asielaanvraag. De rechtbank overwoog dat verweerder mag uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel dat België zijn internationale verplichtingen nakomt. Eiser had onvoldoende bewijs geleverd om aan te tonen dat België zijn aanvraag niet zorgvuldig zou behandelen.
De rechtbank benadrukte dat bij problemen zoals discriminatie eiser zich tot de Belgische autoriteiten moet wenden. Omdat België een claimakkoord heeft dat de zorgvuldige behandeling van asielaanvragen garandeert, mocht verweerder het verzoek om de aanvraag niet in behandeling te nemen baseren op de Dublinverordening. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.