ECLI:NL:RBZWB:2021:2547

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
20 mei 2021
Publicatiedatum
21 mei 2021
Zaaknummer
AWB- 21_1455
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:75a AwbArt. 8:41 AwbBesluit proceskosten bestuursrecht
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Proceskostenveroordeling Belastingdienst na herziening bezwaar Zorgtoeslag 2019

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Belastingdienst/Toeslagen waarin zijn bezwaar tegen de voorschotbeschikking Zorgtoeslag 2019 niet-ontvankelijk werd verklaard. De Belastingdienst/Toeslagen heeft dit besluit op 28 april 2021 herzien en het bezwaar alsnog ontvankelijk en inhoudelijk gegrond verklaard.

Naar aanleiding hiervan heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om veroordeling van de Belastingdienst/Toeslagen in de proceskosten. De Belastingdienst/Toeslagen stemde in met een proceskostenvergoeding van één punt conform het Besluit Proceskosten Bestuursrecht en de vergoeding van het betaalde griffierecht.

De rechtbank heeft op grond van artikel 8:75a, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht geoordeeld dat de Belastingdienst/Toeslagen aan verzoeker is tegemoetgekomen en veroordeelt de Belastingdienst/Toeslagen tot vergoeding van de proceskosten ad € 534,-. Het griffierecht van € 49,- wordt op grond van artikel 8:41, zevende lid, Awb door de Belastingdienst rechtstreeks vergoed.

Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Belastingdienst/Toeslagen tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker ad € 534,-.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 21/1455 ZORG
uitspraak van 20 mei 2021 van de enkelvoudige kamer op het verzoek om veroordeling in de proceskosten in de zaak tussen

[naam eiser], te [plaatsnaam], verzoeker,

gemachtigde: mr. F. Sarrari,
en

de Belastingdienst/Toeslagen, verweerder.

Procesverloop

De gemachtigde van verzoeker heeft digitaal beroep ingesteld tegen het besluit van 16 februari 2021 (bestreden besluit) van de Belastingdienst/Toeslagen inzake de nietontvankelijk verklaring van het bezwaar van verzoeker tegen de voorschotbeschikking Zorgtoeslag over 2019.
Bij besluit van 28 april 2021 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het bestreden besluit herzien en het bezwaar van eiser alsnog ontvankelijk en inhoudelijk gegrond verklaard.
Vervolgens heeft verzoeker het beroep ingetrokken, met het verzoek de Belastingdienst/Toeslagen te veroordelen in de proceskosten. De Belastingdienst/Toeslagen heeft aangegeven zich te kunnen vinden in een proceskostenvergoeding van één punt conform het Besluit Proceskosten Bestuursrecht. Ook het betaalde griffierecht zal worden vergoed.
De rechtbank heeft, met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), een behandeling van het verzoek ter zitting achterwege gelaten.

Overwegingen

1. Op grond van artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb kan de rechtbank, indien het beroep wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan veroordelen in de proceskosten.
2. Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit het besluit van 28 april 2021 dat de Belastingdienst/Toeslagen aan verzoeker is tegemoetgekomen. Hierin ziet de rechtbank aanleiding de Belastingdienst/Toeslagen te veroordelen in de door verzoeker gemaakte proceskosten.
Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 534,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 534,‑ en wegingsfactor 1).
3. De rechtbank overweegt ten overvloede dat de Belastingdienst/Toeslagen op grond van artikel 8:41, zevende lid, van de Awb het griffierecht van € 49,- aan verzoeker dient te vergoeden, zodat een veroordeling daartoe niet nodig is.

Beslissing

De rechtbank veroordeelt de Belastingdienst/Toeslagen in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 534,-.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.M.L. van de Sande, rechter, in aanwezigheid van J.J.P.M. van Gestel, griffier, op 20 mei 2021 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De griffier is niet in de gelegenheid om de uitspraak te ondertekenen.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij de rechtbank.