Eiseres, voormalig docente Nederlands, is sinds 1 februari 2016 ziek gemeld met hypertensie en wisselende hartfrequentie. Het UWV kende haar een WGA-uitkering toe wegens 80-100% arbeidsongeschiktheid vanaf 28 januari 2019, maar wees haar bezwaar tegen dit besluit af omdat de arbeidsongeschiktheid niet duurzaam zou zijn.
De kern van het geschil is of eiseres recht heeft op een IVA-uitkering, die wordt toegekend bij volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn. De rechtbank toetst de medische beoordeling van het UWV, gebaseerd op rapportages van verzekeringsartsen en een internist, die stellen dat verbetering van de belastbaarheid binnen een jaar redelijkerwijs te verwachten is.
Eiseres betwist dit en wijst op de ernst van haar aandoening baroreflexfalen en het gebrek aan herstelkansen. De rechtbank oordeelt echter dat het UWV voldoende gegevens heeft verzameld en het beoordelingskader correct heeft toegepast. De medische prognose is onzeker maar niet uitgesloten dat verbetering optreedt.
De rechtbank verwerpt de bezwaren tegen de professionaliteit en onafhankelijkheid van de verzekeringsartsen en concludeert dat het besluit voldoende is gemotiveerd. Het beroep wordt ongegrond verklaard. Eiseres wordt gewezen op de mogelijkheid van een herbeoordeling per 27 februari 2021 en op hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.