ECLI:NL:RBZWB:2021:2770
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- T. Peters
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening voor jaarrond exploitatie strandpaviljoen op primaire waterkering
Verzoeker exploiteert sinds 2016 een strandpaviljoen op een primaire waterkering en beschikt over een vergunning die alleen seizoensgebonden exploitatie toestaat van 1 maart tot 1 november. Verzoeker wil deze vergunning uitbreiden naar jaarrond exploitatie en heeft meerdere verzoeken en procedures gevoerd, waaronder een eerdere uitspraak van de Raad van State die het seizoensgebonden karakter bevestigde.
In afwachting van de behandeling van het beroep tegen de afwijzing van de jaarrondvergunning, heeft verzoeker een voorlopige voorziening gevraagd om toch jaarrond exploitatie toe te staan. De voorzieningenrechter overweegt dat een voorlopige voorziening alleen kan worden toegekend bij onverwijlde spoed en dat het verzoek om jaarrond exploitatie een te vergaande maatregel is voor een voorlopige voorziening.
Verzoeker stelt dat de coronamaatregelen zijn financiële situatie nijpend maken, maar de rechter acht niet aannemelijk dat het wachten op de uitspraak tot een acute financiële noodsituatie leidt. De rechtbank wijst het verzoek daarom af. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter T. Peters op 3 juni 2021 en is niet vatbaar voor hoger beroep.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening voor jaarrond exploitatie van het strandpaviljoen op de primaire waterkering is afgewezen wegens gebrek aan spoedeisendheid.