Op 3 augustus 2019 heeft verdachte het slachtoffer tijdens een uitgaansavond in Bergen op Zoom met een scherp voorwerp in het gezicht gesneden, wat heeft geleid tot een diepe, lange wond en een blijvend ontsierend litteken. De rechtbank achtte op basis van camerabeelden, getuigenverklaringen, medische rapporten en het letsel wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het letsel heeft toegebracht.
Verdachte is niet verschenen tijdens de zitting, maar zijn raadsman heeft zijn standpunten naar voren gebracht, waaronder twijfel over de identificatie op de camerabeelden en de ernst van het letsel. De rechtbank verwierp deze verweren en stelde vast dat verdachte degene was die met een mes uithaalde naar het slachtoffer.
De rechtbank oordeelde dat het letsel als zwaar lichamelijk letsel kwalificeert vanwege de diepte, lengte en zichtbaarheid in het gezicht. Gezien de ernst van het feit, de impact op het slachtoffer en de openbare plaats van het incident, legde de rechtbank een gevangenisstraf van 10 maanden op, lager dan de eis van 30 maanden, maar passend gelet op landelijke oriëntatiepunten.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot het betalen van een immateriële schadevergoeding van €3.000 aan het slachtoffer, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de dag van het strafbare feit. Materiële schade werd niet toegewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Bij niet-betaling kan gijzeling worden toegepast als dwangmiddel.