Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Beslissing
2.Gronden
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende verzocht de rechtbank om herziening van een onherroepelijke uitspraak over het recht op aftrek van onderhoudsverplichtingen en specifieke zorgkosten over de jaren 2015 en 2016. De rechtbank had eerder geoordeeld dat geen recht op aftrek bestond en de beroepen ongegrond verklaard.
Belanghebbende was niet verschenen bij de zitting en stelde dat hij de uitnodiging niet had ontvangen, waardoor hij niet mondeling zijn beroep kon toelichten. Hij verzocht om een nieuwe zitting, wat door de rechtbank werd opgevat als een verzoek tot herziening.
De rechtbank oordeelde dat het verzoek niet voldeed aan de voorwaarden van artikel 8:119 Awb Pro, omdat de omstandigheden niet nieuw waren en niet tot een andere uitspraak zouden leiden. Het verzoek werd afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de onherroepelijke uitspraak wordt afgewezen.