Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Beslissing
2.Gronden
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbenden hebben bezwaar gemaakt tegen navorderingsaanslagen vennootschapsbelasting en een aanslag over meerdere jaren. Na gedeeltelijke tegemoetkoming in bezwaar en toekenning van forfaitaire kostenvergoedingen, vorderden zij een bovenforfaitaire kostenvergoeding.
De rechtbank oordeelt dat geen bijzondere omstandigheden aanwezig zijn die een bovenforfaitaire vergoeding rechtvaardigen. De inspecteur heeft niet onzorgvuldig gehandeld en had beoordelingsvrijheid in de aanslag- en bezwaarfasen, waarbij standpunten konden verschillen.
De beroepen worden ongegrond verklaard en er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter Bastiaansen op 17 juni 2021 en openbaar gemaakt via Rechtspraak.nl.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek om een bovenforfaitaire kostenvergoeding af en verklaart de beroepen ongegrond.