ECLI:NL:RBZWB:2021:31
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op bezwaar tegen vergunning vaste standplaats weekmarkt
Eiser stelde beroep in tegen het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sluis vanwege het niet tijdig beslissen op bezwaar tegen een verleende vergunning voor een vaste standplaats op de weekmarkt.
De vergunning werd op 14 januari 2020 verleend, het bezwaar werd op 20 februari 2020 ingediend en aangevuld. Eiser stelde het college op 2 juli 2020 in gebreke wegens het uitblijven van een beslissing, waarna het beroep bij de rechtbank werd ingesteld op 1 september 2020. Het college had uiterlijk 30 juni 2020 moeten beslissen, maar heeft dit niet gedaan.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, stelde vast dat de beslistermijn was overschreden en legde een dwangsom van €1.442,- op. Tevens werd het college opgedragen binnen twee weken na verzending van de uitspraak alsnog een beslissing op bezwaar te nemen en het betaalde griffierecht en proceskosten aan eiser te vergoeden. Voor elke dag overschrijding na die termijn geldt een dwangsom van €100,- met een maximum van €15.000,-.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het college wordt opgedragen binnen twee weken alsnog een beslissing op bezwaar te nemen, met oplegging van een dwangsom.